Het is weer ‘In-depth Tuesday’ en deze keer richten we ons op fosfaat: de bepalende factor voor de toekomst van afvalwaterzuivering.
De nieuwe richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater stelt strengere fosfaatgrenzen vast. Biologische P-verwijdering bereikt haar grenzen. Niet omdat het niet werkt, maar omdat stabiliteit en controle bij zeer lage concentraties beperkt zijn.
Tegelijkertijd wordt het sluiten van de fosfaatcyclus steeds urgenter. De huidige verwijderingsmethoden binden fosfaat in slib: dit voldoet aan de normen, maar maakt hoogwaardige terugwinning moeilijk. Hoe strenger de norm, hoe meer we een eindige en essentiële hulpbron verliezen.
STOWA onderkent deze spanning. Toekomstige zuiveringsinstallaties zullen minder vertrouwen op biologische processen en meer op chemische en fysische processen voor fosfaatverwijdering. De hamvraag wordt: welke chemie ondersteunt een circulaire fosfaatstrategie? Innovaties zoals fosfaatterugwinning in de vorm van vivianiet laten zien dat verwijdering en terugwinning hand in hand kunnen gaan. Fosfaat wordt behandeld als een hulpbron, niet als een afvalstromen.
Dit sluit aan bij de visie van CIWI: de overstap maken van extern geproduceerde metaalzouten naar op maat gemaakte chemie ter plaatse, ontworpen met het oog op fosfaatterugwinning.
De toekomst van fosfaatverwijdering draait niet alleen om lagere concentraties, maar ook om slimmere systeemkeuzes. Fosfaat serieus nemen betekent verder kijken dan alleen naleving. Daarom kiezen wij voor chemie in plaats van chemicaliën.
De foto toont ons zelf geproduceerde duurzame additief dat fosfaat kan verwijderen. In de herkenbare oranje kleur die tijdens het proces ontstaat.
